26-08   02-08   20-06   23-05   02-2010   20-11   29-08   04-08   16-06   14-05   23-04   02-03   01-2009   07-12   24-08   06-08   05-2008  


Hasta la vista France, hola España!


Alvorens de Golf van Biskaje over te gaan steken laten we ons en de Zilver even 'warm draaien' op de fraaie Franse eilanden Belle Île en Île Houat, waar we heerlijk voor anker liggen in de voorjaarszon. Bij Île Houat liggen we aan een paradijselijk strand, maar de tweede dag begint de Zilver vervaarlijk te schuddebuiken in de golven die vanuit het westen komen aanrollen. Echt comfortabel is het niet meer en bovendien zijn de vooruitzichten voor de komende week niet echt geweldig, dus we varen naar La Trinité-sur-Mer, waar we nog een etentje bij de havenmeester van Locmiquelic tegoed hebben. La Trinité-sur-Mer is een haven waar veel raceboten liggen. Ondanks de gigantische afmetingen is de haven toch erg mooi. Het dorp er omheen is zo mogelijk nog mooier en de kustwandelingen die je er kunt maken spannen de kroon. Helemaal geen verkeerde plek om de regen en wind uit te zitten, zeker niet als je het etentje bij onze Locmiquelicse havenmeester in aanmerking neemt: tijdens het lekkere eten zingen we uit volle borst mee met zijn gitaarspel.

En ondertussen begint de goede weer window zich aan te kondigen, dus we houden de weers- wind- en golfverwachtingen scherp in de gaten. Het enige wat ons niet aanstaat, is dat bij Finisterre (de 'scherpe' hoek van Spanje) windkracht 6 tot 9 wordt verwacht. Het is het gebied naast de plek waar we willen aankomen in Spanje, maar je weet nooit of de storm zich uitbreidt. De dag erop zien we dat de storm meer naar het westen trekt, dus we besluiten de volgende dag te vertrekken. De Zilver is helemaal in orde, alle inkopen zijn gedaan en we hebben er zin in!

Op zondag 2 mei vertrekken we om 14.00 uur met prachtig weer en de wind in de rug en 311 zeemijlen (zo'n 576 kilometer) voor de boeg. Meis gedraagt zich direct als een echte scheepshond en doet, ondanks de rollende bewegingen van de Zilver, fier haar plas op het dek. De wind is noordoost en komt recht van achteren. De voorspellingen geven 4-5 en soms 6 Bft aan en da's precies wat onze Zilver nodig heeft om de gang er goed in te houden. De golven zijn echter navenant: tot 3,5 meter. Dat maakt de rit erg oncomfortabel en zorgt ervoor dat de avondmaaltijd van Marianne 's nachts als vissenvoer dient. Het is halve maan en de zee is prachtig verlicht (zilver!). In het begin van de nacht komen we enkele zeeschepen tegen en passeren de dieptegrens die onze windmeter aankan: hij blijft steken op 1.30 meter, de diepte van onze kiel. De volgende dag wordt het iets rustiger. We moeten laveren, zodat de zeilen met wind gevuld blijven, want zeker op de zevende golf wordt er nog stevig gerold. De eerste dolfijnen dienen zich aan, weliswaar jagend in de verte, maar wij zijn weer tevreden! En we hebben inmiddels het Continentaal Plat achter ons gelaten en varen nu op een diepte van zo'n 4000 meter! De nacht erop moet helaas de motor een stukje (3 uur) meelopen, want de wind is zover afgenomen dat de zeilen beginnen te klapperen (ook omdat de golven er nog steeds zijn). Om 05.00 uur 's ochtends gaat de maan 'onder' en dan zie je de miljoenen sterren tevoorschijn komen, het lijkt wel vuurwerk.

En als klap op de vuurpijl (om in vuurwerktermen te blijven spreken) wordt het water om ons heen verlicht door fosforescerende algen. Mocht dat nog niet mooi genoeg zijn: ineens zitten er dolfijnen naast de boot die met ons meezwemmend dikke lichtgevende strepen trekken. Hier kan echt vuurwerk niet aan tippen! Dinsdags zet de wind weer aan tot een kracht 6. We gaan als een speer en racen al surfend over de golven richting Spanje. Ons doel daar is Viveiro. We kennen het nog van onze vorige reis, een leuk vissersstadje met een haventje en een mooie ankerplek. Het laatste heeft onze voorkeur, maar we zijn bang dat de hoge golven, waar we nu doorheen manoeuvreren, de ankerplek niet al te comfortabel zullen maken.

De hele dag door worden we vergezeld door dolfijnen, die zich prima vermaken met de vaart die de Zilver nu heeft. Genieten in het kwadraat, waarschijnlijk zowel voor de dolfijnen als voor ons. En dan: land in zicht! Spanje, here we come! Tegen de avond varen we de prachtige ria in en zien dat er al 2 boten heerlijk rustig voor anker liggen. We denken geen seconde na en op dinsdagavond 19.00 uur gooien we ons anker uit op Spaans grondgebied! We zijn moe maar voldaan. We hebben in 53 uur 340 mijl (630 kilometer) overbrugd (iets meer dan gepland omdat we moesten laveren). Niet slecht he!


We liggen voor anker aan het prachtige witte strand van Viveiro en het is niet te geloven: de volgende dag kunnen we onze korte broeken aan want het is prachtig weer! Voor de eerste keer dit jaar kunnen we - nog steeds in korte broek - 's avonds lekker buiten eten. Dit is het leven! Enige domper op de feestvreugde is dat een Engelse boot die naast ons voor anker ligt (de Gung-ho), ons vertelt dat dit de 1e mooie dag van dit jaar is en waarschijnlijk voorlopig ook weer de laatste. En zij hebben in Spanje overwinterd dus ze kunnen het weten, maar wij geloven het niet! Helaas, helaas, de volgende dag is het inderdaad bewolkt en de korte broeken zijn te optimistisch, maar nog steeds hebben we niet te klagen! Overdag, als de zon er door piept, is het heerlijk. 's-Avonds is het nog fris, dan gaat ons Dickinson dieselkacheltje aan en dat zorgt er voor dat de temperatuur in de kajuit heerlijk aangenaam is. Ook gebruiken we 'm als waterkoker, zodat we altijd warm water bij de hand hebben voor bijvoorbeeld de afwas en natuurlijk voor de koffie. Spaart weer gas uit.


En we vinden het weer heerlijk om in Spanje te zijn. We verkennen de schappen van de supermarkt, maken lekkere strandwandelingen met Meis, genieten van nóg een zonnige dag, drinken een borrel met onze Engelse buren en dan vinden we het weer tijd om naar de volgende ria te reizen. Voor de komende dagen wordt toch regen en slecht weer verwacht, dus die kunnen we dan mooi op een nieuwe plek uitzingen. Als we vertrekken is het prachtig weer en al snel zien we in het kielzog van onze boot Viveiro in een dik pak wolken gehuld raken. Oei, daar zijn we net op tijd weg! Paul gooit z'n hengeltje uit en hopla, binnen no-time 2 flinke makrelen aan de haak. Ons avondmaaltje zit wel weer snor. Maar de pret duurt niet lang, want vóór ons wordt het zwart en we horen onweer. We zullen het niet droog houden vandaag! En dat klopt, de hele middag regent 't dat het giet, maar op het moment dat we ria de Cedeira binnenvaren klaart het op, zodat we kunnen genieten van de prachtige omgeving. Deze ria staat bekend om de houttransporten en de bergen (het lijken wel fjorden!) zijn bezaaid met eucalyptusbomen. Niet alleen mooi om te zien maar ook lekker om te ruiken: de hele ingang van de ria geurt heerlijk naar eucalyptus. Daar gaat je neus wel van openstaan! We kijken onze ogen uit als we naar de ankerplek varen: wat zijn de Spaanse ria's toch mooi! De baai ligt beschut en tot onze verrassing ligt de Gung-ho er ook. We moeten er meteen op uit naar de kant, want onderweg is een slang van onze boiler gesprongen, zodat onze hele watervoorraad is weggelopen. Het enige wat we overhebben is een jerrycan met 10 liter en daarmee kan onze ankerpret niet al te lang duren. Er is geen haven in Cedeira, maar we zien wel een werf waar we kunnen vragen of we wat jerrycans mogen tappen. Dat blijkt geen enkel probleem: "kom maar met je boot hier aan de kaai liggen" wordt ons duidelijk gemaakt, ''dat is beter dan met jerrycans te slepen". We nemen alvast 1 jerrycan mee voor de avond en varen op de terugreis met de rubberen boot langs de Gung-ho. Zij hebben ankerproblemen: hun anker ligt op een meter of 7 ergens aan vast en ze krijgen het met geen mogelijkheid meer los. Morgen wordt het dus een 'drukke dag': eerst met de Zilver water gaan tanken en dan gaan we kijken of we de Gung-ho kunnen helpen met Paul z'n duikerscapriolen. En zo gezegd zo gedaan. De volgende ochtend zit de slang weer stevig op de boiler en de Zilver ligt aan de wal van de scheepswerf om de tanks vol te laten lopen. Al wachtende komt er een vissersboot aan, die achter ons afmeert. Omdat er een hek staat is de bolder wat lastig te bereiken dus Marianne pakt de lijn aan. Nog geen 10 minuten later brengt de visser een rode poon en twee grote kabeljauwen. Zomaar? Of als dank? Wij zijn er in elk geval superblij mee! Dan stopt een grote officiële auto van de Junta op de wal en 2 streng ogende functionarissen stappen uit en kijken naar onze boot. Wij groeten ze en Paul vraagt direct of ze onze bootpapieren willen zien. Nee hoor, ze komen niet voor ons, maar voor de vissersboot. Dáár zijn ze niet zo blij met het bezoek: we moeten erg lachen als de Juntaman in een spagaat tussen wal en schip balanceert en de visser boven op de kaai min of meer staat te wachten tot ie in het water valt. Met grimassen naar ons. Maar even later staan de officials droog en wel weer bij de Zilver. 1 Functionaris spreekt Frans, de andere Engels. Wat volgt is een leuke conversatie in het Spaans-Frans-Engels. Constant omschakelen dus, maar we kletsen wel een half uur met elkaar over van alles en nog wat. Als ze weggaan, bedanken ze ons zelfs voor het leuke gesprek en even laten varen we met een goedgevulde waterbuik van de Zilver weer terug naar onze ankerplek. Tijd om de Gung-ho te gaan helpen. Paul duikt onder water en ziet dat de baai één grote zandvlakte is, behalve waar het anker van de Gung-ho ligt: daar ligt een groot blok beton met een ijzeren oog en een wirwar van draden. En daar omheen gedraaid zit de ankerketting van de Gung-ho. Muurvast. Nog geen 10 minuten later is het probleem opgelost, tot grote opluchting van Penny en Alisdair, het echtpaar op de Gung-ho. Omdat de 3 grote vissen die we hebben gekregen wat te veel zijn voor ons alleen, nodigen wij ze uit dat gratis maaltje bij ons te komen verschalken. Daar zeggen ze natuurlijk geen nee tegen en Paul wordt 's avonds beloond met een fles whisky. Niet slecht!

Het weer wordt wel slecht: wester- en zuidwesterwinden tot windkracht 6-7 staan op het program. Even maar blijven waar we zijn, in de hoop dat de golven een beetje uit de buurt zullen blijven.


Als we 's avonds met Meis in de bijboot springen om te gaan wandelen, worden we tot onze grote verrassing bezocht door een grote dolfijn van een meter of 4, die zonder aarzeling tegen de bijboot komt liggen. Meis spitst haar oren en begint te kwispelen en eigenlijk doen wij hetzelfde (figuurlijk gesproken dan). Dit is echt gaaf! Als we rustig beginnen te varen met de bijboot, zwemt de dolfijn met ons mee. We 'brengen' hem naar de Gung-Ho, zodat zij ook mee kunnen genieten. Over en weer worden foto's gemaakt. We voelen ons alsof we de hoofdprijs in de loterij hebben gewonnen!


Ondertussen komt ook een Nederlands schip binnen gevaren, Ze zijn op weg naar huis en komen hier schuilen voor de naderende storm. Ze gooien hun bijbootje in het water en starten de moter, maar die weigert mee te werken. We lenen ze onze 2PK buitenboordmoter en worden uitgenodigd voor de borrel. Erg gezellig en ..... eindelijk weer een echt Hollands gesprek!


Het is hier allemaal geen straf: tot nader order vermaken we ons met praatjes met vissers, bergwandelingen (fjordwandelingen), tapas-barretjes en privé-strandjes. Maken jullie je dus vooral geen zorgen over ons!