26-08   02-08   20-06   23-05   02-2010   20-11   29-08   04-08   16-06   14-05   23-04   02-03   01-2009   07-12   24-08   06-08   05-2008  

Time is flying


Alghero, 26 maart. Het was een drukke winter met veel contrasten. Aan de ene kant de leuke tijd met vele vrienden en de familie die ons zijn komen opzoeken en aan de andere kant de droevige tijd vanwege het plotselinge overlijden van Mariannes moeder op oudejaarsavond.


De eerste weken van het nieuwe jaar zijn dus onverwacht in Nederland doorgebracht. Gelukkig werd Meis direct goed opgevangen door onze Engelse havengenoten Laura en Bern, zodat we onmiddellijk naar huis konden vliegen en ons daar in elk geval geen zorgen over hoefden te maken. In Nederland stond direct iedereen klaar voor ons. Allemaal heel hartelijke bedankt voor de steun en de hulp!!


Het afscheid van Mariannes moeder was mooi. Het weerzien met Nederland was apart: alsof we nooit waren weggeweest.

 





We zijn nu terug in Alghero, waar we inmiddels totaal al enkele maanden bivakkeren. Omdat we ons dus onderhand wel onder de amateur Sardijnologen mogen scharen, hoesten we een aantal Sardijnse zaken op die ons zijn opgevallen.


SardiniŽ is een (ei)land apart waar de lokale bevolking erg trots op zichzelf is. De Sardijn zegt dat ie z’n eigen zaakjes wel regelt en luistert maar met een half oor naar de regering op het vasteland. De eigenwijsheid van de Sardijn komt het best tot zijn recht als je weet waarom de maffia op SardiniŽ geen voet aan grond kan krijgen: als een maffioos tegen een Sardijn zegt dat ie beschermgeld wil hebben, antwoordt de Sardijn dat de maffia het niet helemaal goed begrijpt omdat ze juist hťm beschermgeld schuldig zijn.

De Sardijn bereikt de hoogste leeftijd van alle Europeanen: de meeste 100-plussers van Europa bevinden zich hier en de oudste bewoonster zegt 130 te zijn. Tja, hoe kan je dat nog controleren? De kroost en dan vooral de zonen blijven zeker tot hun 30ste thuis wonen om van moeders pappot te kunnen genieten.


Nu begrijpen we waarom ze hier zo relaxed zijn: iedereen heeft nog de ruimte. Als iemand z’n auto op het zebrapad zet (hetgeen je op bijna elke zebrapad aantreft), wordt er gewoon omheen gelopen. NB: zebrapaden zijn hier gevarenzone nr. 1: de gemiddelde Italiaan meent toch zeker 30 punten te kunnen scoren als je probeert heel aan de overkant te komen. Voetje van de rem is er echt niet bij. De politie schrijft hier geen bonnen uit als het regent, want dan worden ze nat (we bedoelen hier niet de bonnen). Daarentegen is het wel oppassen geblazen met mooi weer. Gelukkig blazen ze als waarschuwing eerst op hun glimmende fluitje en als de eigenaar van de verkeerd geparkeerde auto dan niet snel z’n Fiatje 500 verplaatst, wordt alsnog het bonnenboekje getrokken.


Er rijden hier heel veel leuke driewielers rond. Je ziet ze overal, op de snelweg, het fietspad, de trottoirs, enz.  Mensen die geen driewieler of andersoortig Italiaans autootje bezitten kunnen gebruikmaken van het openbaar vervoer. Het is prima en spotgoedkoop. Alleen mag Meis de bus niet in. Haar vermommen als een krom oud Sardijns vrouwtje heeft tot nog toe niet het gewenste resultaat opgeleverd.

De Italiaan besteedt veel aandacht aan kleding en uiterlijk. De dames en heren zien er dan ook pico bello uit. De modekleuren zijn zwart, zwart, zwart en een pietsje paars. De hakken van de damesschoen kunnen af en toe tot hoogtevrees leiden, maar ja, dan nog zijn de Italianen kleiner dan wij, de noordelijke reuzen. Zodra het zonnetje schijnt komt iedereen tevoorschijn om in Ė meestal per geslacht gescheiden groepjes (echt waar: over het algemeen lopen mannen bij mannen en vrouwen bij vrouwen) Ė te flaneren over de boulevard.


En dan het Sardijnse eten: na de Franse keuken vorige jaar, kunnen we nu uitgebreid kennismaken met de Italiaanse keuken. Ook niet verkeerd en zeker de Sardijnse keuken biedt genoeg lekkers voor de verfijnde smikkelaar zoals veel biologisch voedsel, veel vis (mmmmmm dorade ("orate")), speenvarken ("porchetta") of het hart van de artisjok, rauw met wat olie en zout, de sinaasappels en mandarijnen (zelf van de boom geplukt op het ‘landje’ van Laura en Bern), zeer goede olijfolie, kaassoorten (vooral geitenkazen: pecorino, fiore Sardo, wormenkaas ofwel 'casu marzu'), bergen met venkel (finocchio) en pastaschotels zoals malloreddus en gnocchi. Mammamia, wat lekker allemaal!!

Onze wijn kopen we meestal bij de vinotheek, een soort wijn-tankstation. Je neemt een eigen jerrycan mee en laat ‘m volgooien met overheerlijke sloeberwijn. ‘s-Avonds voor het slapen gaan pakken we soms eens een Sardijns borreltje zoals mirto, grappa of een aqua vite (filu ‘e ferru). Filu ‘e Ferru betekent letterlijk vertaald "ijzeren draad". Vroeger verborgen clandestiene distilleerders hun illegaal gestookte acqua vite onder de grond. Om de fles weer terug te kunnen vinden werd een stukje ijzerdraad meebegraven, dat een stukje boven de grond uitstak. En zo konden ze hun borreltje dan toch nog terugvinden!


Het leven in SardiniŽ is wel een stuk duurder dan in Spanje en Portugal, het is een beetje te vergelijken met Frankrijk.


Ook dit jaar heeft Paul z'n familie weer de zondagse kleding aangetrokken om met de kerst de eenzame skippers in Alghero op te zoeken. We hebben een prachtig historisch appartement in het oude centrum gehuurd waar ze na de veilige tocht met Raynair konden neerstrijken en van daaruit Alghero onveilig konden maken. Het was een gezellige kerst met - uiteraard - een overvloed aan eten en lekkere drankjes.



Zo, dan wat informatie voor onze medezeilers. Onze haven Aquatica wordt gerund door een familie (nee, geen maffia familie). Ze doen hun uiterste best om alles te regelen voor ons, maar alles moet altijd een beetje ‘geritseld’ worden. Dus: over de prijs moet je altijd even praten en een simpele vraag kan complex worden gemaakt, maar we komen er altijd uit. Als je hier met de boot naar toe wilt moet je van te voren wel goed regelen dat er plaats is, want de prijzen van de andere havens in Alghero zijn aanzienlijk duurder. We betalen hier iets meer dan in andere plaatsen in SardiniŽ. Maar er is hier dan ook wel een vliegveld 10 minuten van ons vandaan en alle andere voorzieningen zijn op loopafstand. En het stadje is natuurlijk erg gezellig, levendig en mooi. Bovendien hebben we hier draadloos internet (dat soms wel en soms niet werkt) en goede elektravoorzieningen.


Het winterseizoen loopt van november tot en met april, daarna schieten alle prijzen de lucht in (drie- tot vierdubbel ten opzichte van de winter liggelden) en in juli en augustus is het echt prijsschieten: voor een boot van 20 meter, betaal je hier dan ook rustig (nou ja rustig) € 220 per nacht!


De post komt altijd aan, maar het kan soms 2 tot 3 weken duren. Eťn keer is een pakketje van Den Bosch weer terug gestuurd naar de afzender (dus kwijt raakt het niet). We hebben het vermoeden dat de vertraging in de postbezorging aan de haven ligt, want sinds we de post bij onze Sardijnse vriend Roberto laten bezorgen, komt alles binnen 1 week aan.



Tijdens onze winterslaap hier, hebben we een aantal keren met de huurauto’s van onze  gezellige gasten een flink deel van het eiland verkend. Verder mochten we zomaar de auto van onze Engelse vrienden Lainie en Peter lenen, waarmee we samen met onze Canadese mede-overwinteraars Nancy & Stephen een week erop uit zijn getrokken.

Zoals uit bovenstaande foto’s wel blijkt, moet je er onderweg niet vreemd van staan te kijken een complete veestapel voor je wielen te krijgen. Maar dat leidt dan weer wel tot interessante gesprekjes met de bijbehorende boer.   


Hieronder dan maar een greep uit het assortiment van al het moois dat we hebben bezocht:


Voor Marcelle en Mike stond de Nuraghe Barumini bovenaan op het lijstje.


De nuraghe cultuur verspreidt zich over SardiniŽ tijdens het bronzen en ijzeren tijdperk 1500 - 500 voor Chr. De Nuraghen bouwden kleine, beschutte nederzettingen met een goed verdedigingswerk van enorme blokken steen, opgesteld in rijen en in de vorm van een afgeknotte kegels, die een hoogte van 22 meter konden bereiken (op het hele eiland staan er maar liefst zo’n 7.000!). Bovendien werden er soms meerdere torens gebouwd, die met elkaar in verbinding stonden, hetgeen uiteindelijk resulteerde in een versterkte vesting. Eťn van de door de tand des tijds (mamamia, d’s een mooi woord) best bewaarde nuraghes is de vijfhoekig gevormde bij Barumini. Daarbij moet vermeld worden dat het omliggende landschap uniek is en prachtig om te zien.



Met Willeke en Bob togen we onder andere naar de Costa Smeralda, het meest bekende en duurste vakantie-oord van SardiniŽ. Een bekend

plaatsje aan deze Costa is Porto Cervo. 


Hier staan de duurdere hotels en deze plaats trekt dan ook de wat rijkere toerist aan. De natuur is er prachtig en we hebben menig paradijselijk ankerbaaitje gespot, maar toen wij er hebben rondgetoerd (ver buiten het seizoen), was er werkelijk helemaal niets te beleven en tuften we rond in een soort spookdorp (al die rijkaards zaten natuurlijk al lang en

breed op het vasteland achter hun kacheltje en breedbeeld tv). De mooie natuur en het prachtige kerkje Stella Maris maakten de tocht naar en van (een haarspeldbochtweg zonder einde in het donker) de Costa Smeralda zeker waard!


Met Nancy en Stephen ondernamen we de lange rit naar de hoofdstad van SardiniŽ, Cagliari. Je zou zeggen dat een tochtje van 240 km over de snelweg waarop zich Ė naar Nederlandse begrippen Ė amper andere auto’s bevinden, toch niet langer kan duren dan 2,5 uur. Helaas pindakaas. De wegen hier hebben niet de oer-Hollandse kwaliteit de geachte lezers kennen (ZOAB is hier sowieso als een onbekend fenomeen) en het hoogtepunt (lees: dieptepunt) daarin werd bereikt toen we zo hard door een gat in de weg knoeperden, dat daarna de auto een soort waggelende eendneigingen vertoonde. Stoppen, kijken en ja hoor: de velg helemaal uit z’n voegen. Onze eerste kennismaking met Cagliari is de Fordgarage, waar de vriendelijke monteur voor € 245 een prachtige nieuwe velg aanbrengt. Slik. Volgende keer toch maar autootje huren in plaats van lenen?


Het prachtige oude gedeelte van de stad, dat het 'Castello' (kasteel) heet, ligt op de top van een heuvel, met een mooi uitzicht op de baai. Er bevinden zich bouwwerken zoals torens uit de 11e eeuw na Chr., daterend uit het tijdperk van de overheersing door Pisa. Deze torens beschermen de twee ingangen van de stad. In Castello hebben we de oude Pisasche kathedraal bezichtigd. Tevens zijn we op bezoek geweest bij de Ineke en Riens van de Zeezwaluw, die we van onze tocht van 5 jaar geleden kennen en die de hele Middellandse Zee inmiddels op hun duimpje kennen. Het was weer alsof we ze vorige maand bezocht hadden. Supergezellig!


Andere uitstapjes leiden naar de tempel van Orune, een Nuraghe bron waar de Sardijnen kleine beeldjes als offers kwamen brengen om zo te hopen op een gezond leven of een goede oost, de tombe dei giganti, de reuzengraven (deze reuzengraven waren gemeenschappelijke graftombes en konden wel honderd graven herbergen), Nuoro, waar we naar Il Museo della Vita e delle tradizione popolari Sarde zijn getogen (traditionele kleding en sieraden en de carnavalstraditie), het leuke plaatsje Castelsardo, de haventjes van Stintino enÖÖ. eigenlijk te veel om op te noemen, jullie moeten maar zelf gaan kijken!



Tussen al deze leuke uitstapjes door valt er weer heel wat te klussen aan boord van de Zilver: de badkamer wordt stevig ter hand genomen nadat de vloer is ingezakt (om de vloer eruit te kunnen halen moet natuurlijk de hele badkamer afgebroken worden (kun je nog puzzelen, puzzel dan mee!), dus besluiten we het maar rigoureus aan te pakken), onze accu’s waren ter ziele en er worden 3 nieuwe ingebouwd, de zeereling wordt vernieuwd (was tijdens een storm geknapt), de speling is uit het roer in de stuurkolom gehaald, de toilet doet het ineens niet meer en na het uit elkaar halen ervan blijkt er een vis van zo’n 7 cm in de doortrekker te zijn gezwommen (Olympische prestatie vinden wij), de pomp van de koelkast houdt het voor gezien, de wasmachine heeft er geen zin meer in, enfin, de zeilers onder ons herkennen de ‘never ending list of things to do’.  


Tussendoor zorgt Meis weer voor leuke ontmoetingen, met onder andere de 3 havenhonden. Dit stelletje ongeregeld heeft eigen selectiecriteria voor wie wel of niet in de kuiten wordt gebeten. Luid blaffend worden nietsvermoedende voorbijgangers, die volgens de smaak van CaffŤ, Mattheu of CloŽ bijvoorbeeld een verkeerd petje of een te grote zonnebril ophebben, aangevallen en eventueel gebeten. Vooral met CloŽ, die Meis erg leuk vindt en daarom op onze wandelingen regelmatig met ons meeloopt, kan dat soms tot genante taferelen leiden: boze blikken in onze richting terwijl wij in ons beste Italiaans moeten duidelijk maken dat het onze hond niet is. De katten van het ‘kattenparadijs’ om de hoek van de haven, hebben al snel door dat Meis een vriend en geen vijand is en 1 kat komt ons steevast vrolijk begroeten met in haar kielzog de wat meer verlegen exemplaren.


En nu we het toch over de fauna van SardiniŽ hebben: op een strandwandeling met Meis ziet Marianne op de rotsen een stukje verder in het water een aalscholverkolonie van Ė grofgeteld Ė zo’n 250 exemplaren. Prachtig!

Veder zijn regelmatig etentjes over en weer bij de mede-overwinteraars en bij Roberto en Patricia, onze Sardijnse vrienden en voor we het weten prikt ineens de zon door de wolken en is hier de lente begonnen. De vaarkriebels zijn er direct! Het zal niet lang meer duren voor de trossen los gaan. We houden jullie op de hoogte!


Het is vandaag 21 graden Celcius, zon met wolken. Weinig wind.